Keuringen van de N.B.A.T.

Algemeen
Voor serieuze aquariumhouders, aangesloten bij een aquariumvereniging, is de jaarlijkse keuring altijd een belangrijk evenement. Zelf ben ik al vanaf mijn 10e jaar lid van de N.B.A.T. en dus heb ik al heel wat van dit soort keuringen, al dan niet actief deelnemend, meegemaakt. Het begint met een verenigingskeuring aan het begin van het verenigingsjaar. Meestal zo half oktober tot eind november. Kort daarna is dan de uitslag van deze keuring en wordt de verenigingskampioen bekend gemaakt tijdens een presentatie met aanbevelingen door de keurmeester. Zo’n verenigingskeuring heeft heel sterk een adviserend karakter en veel deelnemers kunnen er over het algemeen wel hun voordeel mee doen. Meestal is er binnen zo’n vereniging wel een exclusief groepje deelnemers voor wie deze keuring net iets meer gewicht heeft, namelijk het kampioenschap of deelname aan de volgende stap: de districtskeuring. In dit topic geef ik weer hoe ik de keuring interpreteer en doe ik een aantal bescheiden (verbeter)voorstellen.

Het aquarium van Jacques de Jong 0kt. 2007
Jacques de Jong is al enige jaren de “top van Zoetermeer”. Hier een foto van zijn aquarum die ik in oktober 2007 maakte. Zowel de onderbouw als de ombouw van het aquarium werden door Jacques zelf ontworpen en gebouwd. Een licht ogende maar wel stevige constructie met kastjes die als poten fungeren waarin de techniek zit weggewerkt. De inrichting van de bak is conform de keurwijzer van de N.B.A.T..
Het aquarium van Jacques de Jong.
Het huidige aquarium van Jacques de Jong van Paluzee Zoetermeer is een mooi voorbeeld van een schitterend en conform de aanwijzingen van het keuringsreglement ingericht A1 aquarium. Een prachtig bij de inrichting van de woonkamer passend, door hemzelf ontworpen en gebouwd meubel. Mooie zelfstandige plantengroepen, afwisseling in kleur en bladvorm. Vissen in alle waterlagen van het aquarium, helder water en geen achterstallig onderhoud. De techniek is functioneel en veilig.

Om een keuring te mogen verrichten moet je gecertificeerd keurmeester van de N.B.A.T. zijn. We kennen verschillende soorten vivaria die gekeurd kunnen worden. Dit alles staat op de website van de Commissie van Bondskeurmeesters te lezen. Los van welk type vivarium het betreft worden er drie aspecten van de bak gekeurd: Het biologisch deel, het esthetisch deel en het technische deel. Alle criteria staan beschreven in de keurwijzer en logischerwijze weegt het biologisch deel het zwaarst. Iedere deelnemer moet een lijst invullen met gegevens over het te keuren vivarium. De keurmeester kent volgens een vastgestelde systematiek punten toe en dat leidt tot een winnaar en klassering van de deelnemers. Meestal wordt de uitslag tijdens een feestelijke bijeenkomst van de vereniging bekend gemaakt. De beste drie gaan meestal door naar de districtskeuring die rond maart/april plaats vindt.

Zoals ik al stelde draai ik al heel wat jaren mee en in de loop der tijd heb ik de nodige op- en aanmerkingen op de keuring gehoord. Deelname aan de keuring is op vrijwillige basis en de uitslag van deze keuring is bindend voor de deelnemers. Ik heb geen ervaringen anders dan met deelname aan de categorie Gezelschapsaquarium A1 dus alles wat ik hier schrijf moet daaraan worden gerelateerd. Wat mij betreft is het keuringsreglement duidelijk en levert goede tips voor de inrichting van een goed functionerend en mooi aquarium. Wanneer je een aantal basisregels hanteert kom je al snel een eind in de goede richting.

Wat basisregels
Zorg dat je planten en dieren combineert die elkaar minimaal verdragen en zeker geen enkele bedreiging vormen voor elkaar, en ook dezelfde (omgevings)eisen stellen. Zorg voor qua uiterlijk afwisselend gekleurde en gevormde vissen die zich in de verschillende waterlagen ophouden: boven (oppervlakte/bovenzone), midden en onder (bodem). Selecteer voor jouw bak bij voorkeur natuurlijke verschijningsvormen.
Zorg voor plantengroepen die elkaar afwisselen qua kleur en bladvorm. Werk van laag naar hoog (voor naar achteren) en zorg voor accenten die diepte suggereren. Houd de plantengroepen vrij en zorg hier en daar voor “doorkijkjes” naar de (liefst donkere) achterwand. Gebruik niet te veel solitair groeiende planten. Verwijder bealgde, geel geworden, beschadigde en los gelaten bladeren van de planten.
Zorg dat het onderhoud “bij” is. Verwijder overtollig/zichtbaar bodemvuil, zorg dat de waterlijn aansluit op de bovenrand onder de lichtkap en er geen doorvallend licht te zien is. Maak de binnenkant van de lichtkap schoon en zorg dat het reflecterend vermogen maximaal is. Maak de ruiten binnen en buiten ook schoon en verwijder kalkafzetting van lampen, ruiten en dekruiten. Het bodemsubstraat mag niet boven de lijst van het aquarium uit komen. Zorg dat het wateroppervlak echt schoon is (oppervlakte-afzuiging).
Zorg dat technische hulpmiddelen zo veel mogelijk aan het zicht onttrokken zijn.
Zorg dat de techniek optimaal draait en veilig is. Elektriciteit moet zoveel mogelijk tegen contact met water zijn beveiligd en de CO2-fles mag niet kunnen omvallen.
Omgevingsmaterialen die de aandacht van het aquarium afleiden moeten zo veel mogelijk worden vermeden. Dat wil overigens niet zeggen dat er helemaal niks op of naast het aquarium zou mogen staan.

Natuurlijk blijft het jouw aquarium JOUW aquarium en JIJ bepaalt hoe het er uitziet, maar wanneer dat conflicteert met het bondskeuringsreglement of de keurwijzer, dan moet je wel voor lief nemen dat dit puntenaftrek tot gevolg heeft of kan hebben.

Detail van het aquarium van Jacques de Jong
Een detail-opname in het aquarium van Jacques de Jong. Mooie gezonde planten vrijwel volledig algenvrij. Mooie rode Ludwigia glandulosa, contrasteert mooi met de lichtgroene Nomaphila stricta (Nu: Hygrophila corymbosa) en de Braziliaanse klimop (Hydrocotyle leucocephala). Afwisseling van planten met verschillende bladvormen en kleuren, mooi van voren naar achteren oplopend. De Myriophyllum “luifelt” prachtig langs de linker zijwand van zijn aquarium. Qua kleur zitten Pogostamon stellata en Rotala rotundifolia dicht bij elkaar. De scheiding van deze kleuren door de er tussen gelegen Lobelia cardinalis zou naar mijn mening iets nadrukkelijker kunnen zijn.
Bak Jacques de Jong.
Nog een detailopname: Diverse verschillend gevomde en gekleurde vis: Kegelvlekbarbelen, Roodneuszampjes en als blikvanger: Koraalplaty’s. Kijk ook nog weer eens naar deze uitmuntende variatie aan smetteloze planten.

De voorbereiding op de keuring van mijn eigen aquarium
Een groot aquarium als het mijne vraagt om een weloverwogen beheer als het gaat om voorbereiding op de keuring. De keuring is een momentopname en eigenlijk zou een keurmeester meerder keren en op verschillende momenten moeten kunnen binnen vallen om een eerlijk beeld te geven welke bak over een jaar gezien de beste is. Praktisch is dat niet haalbaar, dus we blijven zitten met dat moment. (Hoewel, zie mijn voorstel met betrekking tot meetellen huis- en districtskeuring). Dat betekent, in beide situaties, dat de bak op het moment van de keuring maximaal moet kunnen scoren om zo hoog mogelijk te kunnen eindigen. Dat vereist dat op dat ene moment van het jaar vooral alle plantengroepen er op z’n mooist bij moeten staan. Dat is voor mij een bijna onmogelijke opgave, want er is in mijn bak eigenlijk altijd wel wat aan de hand. Het is nu eind oktober 2011 en de keuring zal half november gaan plaats vinden. Ik ben al twee maanden bezig de bak te optimaliseren en dit weekend, twee weken voor de keuring zal ik de laatste drastische ingrepen nog kunnen verrichten. Daarna moet de bak tot rust komen en moeten de planten doorgroeien tot de hoogte en het formaat waarop ik ze op het moment van de keuring graag zie. Snel groeiende planten zijn wat dat betreft de zorgenkindjes, want die zijn tegen die tijd net mooi op hoogte of weer te lang.

Waar ik de laatste tijd mee kamp is dat veel snel groeiende planten de neiging hebben om wat aan de gelige kant te zijn. Dat betekent dat er sprake is van een te kort: ijzer?, kalium?, fosfaat?, sporenelementen? Ik heb het toevoegen van Profito (Easy life) wat opgevoerd, maar zag direct een toename van het groen worden van de voorruit. Dat moet ik ook niet hebben. Vervolgens heb ik de Profito weer terug gedraaid en het toevoegen van stokoplossingen wat opgevoerd meer KNO3 en PO4. Dat lijkt te helpen, maar de vaantjesplanten blijven wat aan de gele kant. Wat opvalt is dat de planten aan de rechterkant van de bak meer last hebben dan de planten aan de linkerkant van de bak. Zou dit te maken kunnen hebben met het feit dat ik de voedingsstoffen ALTIJD aan de linkerkant van de bak toevoeg? Ik kan me dit nauwelijks voorstellen omdat ik twee pompen (1x 1.100 ltr/u en 1x 1.700 ltr/u) heb draaien die voor behoorlijke stroming in de bak zorgen, van links naar rechts.

Aquarium Jacques de Jong
Heel belangrijk voor de keurmeester is ook zijn/haar eerste indruk van het aquarium. Die indruk wordt bepaald door allerlei faktoren, zoals bijvoorbeeld die snoeren op de grond naar zijn laptop. Ongetwijfels zullen deze er op de dag van de keuring niet liggen. Maar wat zou uw eerste indruk zijn wanneer u plotseling met een dergelijk aquarium zou worden geconfronteerd?

De planten
Een ander probleem waar mee ik heb gekampt is het volgende. Ik heb een grote groep Hygrophila corymbosa (voorheen: Nomaphila stricta) staan, links van het midden in de bak. Deze plant staat er om bekend dat ie lastig is en soms tijden achtereen probleemloos kan groeien en dan opeens terug valt. Stelen worden zwart en rotten weg en bladeren verglazen en laten los. Dat was een maand geleden bij mij opeens ook het geval. Wanneer ik met mijn hand voorzichtig door deze plantengroep woelde bleven er hele bossen vergane plant van deze soort in mijn handen hangen en trok ik deze zo naar het oppervlak. Terugzetten had in de meeste gevallen geen zin omdat de steel vaak al geheel of grotendeels was aangetast. Navraag op de forums leverde op: kaliumgebrek !! Voeg meer kalium toe !! Ik was daar eigenlijk al mee bezig en momenteel is de tot ¼ van de oorspronkelijke hoeveelheid uitgedunde groep weer gestabiliseerd en ziet er weer goed uit. Er is mij ook wel eens gesuggereerd dat deze soort een seizoenplant betreft.

Een andere plant waar ik problemen mee ondervond was Ammannia gracilis. De eerste drie jaren na de eerste inrichting deden alle planten, vooral de rode, het extreem goed en groeiden “de pan uit”. Na een periode van “vechten” met algen is dat veranderd. Mijn trots: Rotala macrandra ben ik inmiddels kwijt en Ammannia gracilis stond wat te “kwijnen”. Veel toppen van Ammannia vertoonden kroesverschijnselen en de groei zat er echt niet meer in. Van een medeverenigingslid heb ik toen een paar mooie grote stekken gekregen en daarmee ben ik, met succes, opnieuw begonnen. Van onze voorzitter had ik de tip gekregen om kwijnende Amannia’s wat op te peppen door het om de wortels winden van wat ruwe tuinturf. Ik heb bij een tuincentrum wat turfblokken gehaald die ik ingewaterd heb en waar ik stukjes van af haal om voor dat doel te gebruiken en ik zie daar duidelijk resultaat van. Voor een uitgebreide verhandeling over turf, klik: (hier).

De marmerbijlzalm
De marmerbijlzalm, een typische oppervlaktevis.
De roodneuszalm
De roodneuszalm, een middenzwemmer, echte scholenvis.
Rotala macrandra, de bovenwater vorm.
Rotala macrandra, de bovenwater vorm.
In vol ornaat de onderwatervorm.
In vol ornaat de onderwatervorm.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Een paar weken geleden heb ik de bovenwatervorm van Rotala macrandra gekocht. De ervaring is dat deze plant wanneer die als onderwatervorm wordt gekocht, hij het over het algemeen slecht doet en na een paar weken verslijmt. Zelf heb ik kennelijk een keer geluk gehad want ik heb drie jarenlang een prachtige bos van deze mooie decoratieve en opvallend gekleurde soort in mijn aquarium gehad. De bovenwatervorm zou zich in het aquarium aan de daar heersende omstandigheden moeten aanpassen en dan een veel grotere kans hebben om te overleven en zich te handhaven. De plant zit op dit moment nog heel duidelijk in de overgangsvorm tussen emers en submers en de vraag is nou: moet je die tijdens de keuring in die fase nou laten staan of niet? Aan de ene kant is de plant duidelijk bezig de onderwatervorm aan te nemen, aan de andere kant is de plant nog steeds met veel bovenwaterblad bezet.

Zo zijn er allerlei afwegingen die gemaakt moeten worden voordat het aquarium ter keuring wordt aangeboden. De keuring is wel altijd een mooi moment om de hele stand van zaken even “tegen het licht te houden” en waar nodig verbeteringen aan te brengen. De keuring heeft in dat opzicht zeer zeker een positief effect. Afhankelijk van jouw prestatiedrang zal je bepaalde aanpassingen wel of niet doen of laten. Of je er wel of niet gebrand op bent om aan de districtskeuring mee te doen zal ook van invloed zijn op de nauwkeurigheid waarmee je bepaalde zaken oplost. Dan weet je dat de concurrentie veel groter en sterker wordt en niemand wil als laatste eindigen. Het adviserende aspect is dan veel minder van belang doordat op dit niveau de deelnemers over het algemeen hun kunnen al bewezen hebben. Dat geldt in nog veel sterkere mate voor de uiteindelijke landelijke keuring. Deze keuring wordt door twee keurmeesters samen verricht. De ultieme prijs is dan natuurlijk om landskampioen te worden. Zelf ben ik twee maal in de gelegenheid geweest om aan de landelijke keuring mee te kunnen doen. Helaas heb ik twee maal moeten afzeggen omdat mijn aquarium in een neerwaartse spiraal terecht kwam. Aan de landelijke wil ik enkel meedoen als mijn bak in topconditie is. Zo niet, dan sta ik mijn plaats liever af aan een ander. Wat wel jammer is, is dat enkel 1 vertegenwoordiger van een district aan de landelijke mag meedoen. Ik zou er voor pleiten topbakken met een puntentotaal boven een x-aantal punten bij de laatste districtskeuring ook mee te laten doen. Die grens mag best hoog zijn, maar mag bijvoorbeeld ook gerelateerd zijn aan de punten van nummer drie van de verschillende districten en dus per jaar verschillen. Nu heb je de onbevredigende situatie dat bakken die in 1 district met heel veel punten eindigen, uitgesloten worden ten opzichte van bakken die kwalitatief minder zijn maar wel 1e worden in hun district. Let wel, er wordt niemand uitgesloten, er worden een eventueel enkele kandidaten toegevoegd. Ook zou het niet zo gek zijn om bij de puntentelling de punten van de huiskeuring en de districtskeuring mee te laten wegen bij de landelijke keuring zodat er een bepaalde continuïteit gewaarborgd is in de kwaliteit. Bijvoorbeeld: huiskeuring 20%, districtskeuring 30% en landelijke keuring 50% van de totale waardering. Waarbij deze keuringen gewoon op de gangbare manier worden uitgevoerd. Pieken in de waardering door keurmeesters of persoonlijke voorkeuren van keurmeesters worden hierdoor afgevlakt. Dit kan echter alleen wanneer de keuringen door gecertificeerde keurmeesters worden verricht.

Wat ik aardig vind is dat wanneer je een aquarium inricht conform de richtlijnen van het keuringsreglement, je vrij automatisch uitkomt bij de inrichting van een bepaald type aquarium. Dat was toen ik net lid werd van de N.B.A.T. niet anders dan nu. Natuurlijk is het zo dat wanneer je in je omgeving rond kijkt en mooie aquaria ziet je wel eens een ideetje “pikt”. Toch vind ik het een beetje overdreven om te spreken van “een Zoetermeerse school” of andere. Ik richt mijn aquarium in naar mijn eigen idee en ik laat me inspireren door mooie aquaria, maar niet enkel door die in Zoetermeer. Alles wat ik nu zie gebeuren heb ik tientallen jaren geleden met de toen beschikbare materialen ook zien gebeuren. Het keuringsreglement is het sturende element. Wel zie je tendensen: Er was een tijd dat een straat Leidse planten populair was. Nu zie je vaker straten van Lobelia cardinalis en Vaantjesplanten (die laatste vaak met een rode plantengroep er in). Het aanbod aan planten is momenteel zo groot dat er veel meer mogelijkheden tot leuke combinaties zijn.

De vissen
Esthetisch gezien hebben de planten in een gezelschapsaquarium de grootste impact. Wanneer die niet in orde zijn, kan je dat nauwelijks nog compenseren met een mooi vissenbestand. Ook wat betreft de keuze van het visbestand geeft het keuringsreglement duidelijke aanwijzingen. Vertegenwoordiging van vis in de drie verschillende waterlagen: De oppervlakte/bovenzone, het middendeel en de bodem. Waarbij garnalen de functie van bodemdieren mogen vervullen. Daarnaast kennen we scholenvissen en solitairen. Persoonlijk zou ik er nog een tussen-kwalificatie bij willen zetten: Vissen die niet noodzakelijk in een school hoeven te worden gehouden maar die ook niet als stelletje goed fungeren: Groepsvissen, ongeveer de helft van een school. Ik denk aan Nannostomus beckfordi, Barbus oligopepis, Barbus titeya, en dat soort karakters, die niet direct in een school van 12 hoeven te worden gehouden, maar ook niet als stelletje gedijen. Een school is 12 vissen of meer, solitairen zijn een man en een vrouw of soms meerdere vrouwen. Je zou scholen ook kunnen relateren aan de grootte van de bak: minimaal 12 in een meterbak of kleiner, 16 in een tweemeterbak en 20 in een driemeterbak en groter. Een mooie uitspraak vind ik: “Je hebt m.i. voldoende exemplaren om van school te spreken als dat aantal zich ook als een school gedraagt.” (Loek van der Klugt). Daarnaast kennen we ook nog de term “blikvanger”, vissen die er qua kleur en vorm “uit springen” en accenten vormen in het aquarium zoals bijvoorbeeld een mooi koppel Betta splendens, black molly’s en koraalplaty’s, of een mooi koppel Colisa lalia. Ik zou er ook een voorstander van zijn om een extra halve punt toe te kennen aan een aquarium waarin uitsluitend, zowel qua planten als vissen, in de natuur voorkomende verschijningsvormen (nominaatvormen) worden gehuisvest. Dan mogen cultivars en kleurvariëteiten dus wel, maar wordt de voorkeur gegeven aan natuurlijke vormen.
Over in de bak geboren jonge vis, oude vissen van inmiddels bijna uitgestorven vorige scholen of groepen, doet het keuringsreglement naar mijn mening zinvolle uitspraken.

Mijn bak op 11-11-12 keuring.
Zo stond mijn bak er op het moment van de huiskeuring bij. De houtsnijwerken tijdelijk even van de lichtkap verwijderd. De Rotala macrandra toch verwijderd. De Echinodorus horizontalis volledig weggeknipt en verborgen tussen de vaantjesplanten. De Reuze ambulia tot gisteren aan het oppervak laten doorgroeien en gisterenavond op hoogte gezet. De voorruit gisterenavond van de laatste algen ontdaan. Je ontkomt niet aan de “last minute” werkzaamheden. Gisteren nog 250 liter water ververst.

De keurmeester
De N.B.A.T. kent eigen, gecertificeerde keurmeesters, die verenigd zijn in de Commissie van Bondskeurmeesters. Aan het behalen van het certificaat gaat een intensive theoretische en praktische opleiding vooraf. Reeds vele enthousiaste liefhebbers zijn aan deze opleiding begonnen en velen zijn ook afgehaakt vanwege het vereiste niveau. Op forums en evenementen worden vaak gelegenheidsjury’s samengesteld van personen die geacht worden een bepaald niveau in de liefhebberij te hebben bereikt. Er zijn ook keurmeesters die zich keurmeester noemen zonder het certificaat van de bond te hebben behaald. Natuurlijk mag jij je keurmeester noemen wanneer je als zodanig wel eens door een organisatie daarvoor bent gevraagd. In mijn ogen ben je pas keurmeester als je het certificaat van de N.B.A.T. kunt overleggen. Simpel en toch niet moeilijk. Ik vind ook dat keurmeesters regelmatig moeten worden bijgeschoold om op de hoogte te blijven van de laatste ontwikkelingen op aquariumgebied. Ik heb geen idee hoe dat momenteel bij de bond is geregeld. Daaruit zou moeten voortvloeien dat een certificaat van Bondskeurmeester een “beperkte houdbaarheid” moet hebben en periodiek en onder voorwaarden zou moeten kunnen worden verlengd.

De keurmeester: Jolanda van Efferen
Paluzee: “Hierbij volgen de benodigde gegevens omtrent de keuring en het tijdstip: • De keuring zal verricht worden door Bondskeurmeester Jolanda van Efferen. Zij zal begeleid worden door onze secretaris Han van Veen. • Uw aquarium wordt gekeurd in de Categorie A1 op zaterdag 12 november 2011 om ca. 15:45uur. De keuring duurt 45 – 60 minuten. ……..”. en daar zit ze dan te keuren, de keurmeester !!!

De uitslag van de Paluzee huiskeuring 2011.
Op zaterdag 26 november 2011 was het dan zover; de uitslag van de Paluzee huiskeuring 2011. Na het zien van alle bakken bleek op het einde van de avond bij de prijsuitreiking dat Sjaak de Jong winnaar is geworden met 395,5 punten van de gezelschapsaquaria.
Goede 2e was Fred van Wezel met 394,5 punten. Hielke Brouwer was (voor mij verrassend, maar terecht) 3e met 391 punten. Ik werd vierde met mijn aquarium. Er werd mij nog gevraagd of ik wilde meedoen aan het district, maar daar heb ik direct van afgezien. Ik ga eens heroverwegen wat ik met mijn aquarium verder wil. Misschien ga ik toch maar eens nadenken over een speciaal-aquarium.

Nogmaals de keurmeester
De keurmeester aan het werk.

Het commentaar van Jolanda van Efferen op mijn aquarium:
Een imposant aquarium om te aanschouwen. Het visbestand was voor de afmeting van het aquarium rustig gehouden, dit is naar uw zeggen een bewuste keuze. Voor zover ik de dieren heb kunnen beoordelen, zagen ze er prima uit. Toch miste ik wel een “echte” blikvanger. Ook qua kleur. Met zorg uitgekozen plantenbestand, jammer dat er op een aantal planten wat sporen van algen nog te zien waren. Uitleg is gegeven tijdens de keuring.
De waterwaarden waren redelijk: PH en micro siemens te hoog. (Dit terwijl hier osmosewater wordt toegevoegd.) Dit heeft ook invloed gehad op de problemen die er zijn geweest. Voor wat de soortkeuze vegetatie betreft: Prima !
Tevens wordt optimaal gebruik gemaakt van de beschikbare ruimte. Toch zou er tussen sommige plantengroepen meer ruimte gemaakt kunnen worden, zeker bij de fijnbladige groepen planten.
Zoals u zeker zult weten, wordt er ook gelet op de combinatie van het geheel, waarbij de nadruk moet liggen op het architectonisch aspect, bijvoorbeeld het onderdeel dieptewerking kan op een enkele plek nog meer versterkt worden door meer donkere hoeken en lichte plekken te maken.
De techniek onder het aquarium zag er prima uit, daar is niets op aan te merken. Helaas heb ik toch in het aquarium nog enige techniek kunnen zien, jammer.
Al met al, toch een schitterend aquarium, waar u menig uurtje tijd aan besteedt en dat is zeker te zien, complimenten.

Totaal aantal punten: 390
Biologisch: 63
Zilveren bondsdiploma.

Wanneer ik over een onderwerp schrijf dat discutabel is leg ik mijn tekst nog wel eens voor aan enkele liefhebbers waar ik vertrouwen in heb. Een van die liefhebbers is Loek van der Klugt, in aquarium- en paludariumkringen zeker bekend. Hij reageerde op mijn topic met onderstaande tekst.

Gecertificeerde keurmeester
Ik ben het helemaal met je eens. Helaas is bij de laatste bijeenkomst van verenigingsbestuurders van ons district besloten dat er bij de verenigingskeuringen (VHK) geen bondkeurmeester meer benodigd is. De vereniging mag een verenigingsdeskundige – al dan niet uit de eigen gelederen – de VHK laten uitvoeren en vervolgens naar eigen goeddunken een afvaardiging naar de DK vaststellen. De districtskeurmeester moet wel een bondkeurmeester zijn, maar hij mag niet meer vragen naar de resultaten van de VHK …. Wel moet de deelnemer NBAT-lid zijn. De ultieme consequentie van dit besluit zou zijn dat ik als voorzitter van ‘Het Paludarium’ mijn eigen paludarium zonder keuring (ik zou zelf als deskundige kunnen optreden …) naar de DK zou kunnen afvaardigen. Raar!
Ik vind dit besluit een uitholling van alles wat we in de loop van de jaren hebben opgebouwd. Het argument voor het voorstel was dat het steeds moeilijker wordt een bondkeurmeester aan te trekken en ook dat een bondskeurmeester nogal wat kosten voor de vereniging meebrengt. In Azolla-Westland doet secretaris WvS al jaren de VHK. De laatste twee jaar heeft de vereniging zonder protest van de bondskeurmeester ook meegedaan aan de districtskeuring (DK). Dat lijkt dus een geaccepteerde gang van zaken te zijn.

Punten optellen
Het zal je niet onbekend zijn dat verschillende keurmeesters met verschillende beoordelingen kunnen komen. Tomey heeft nooit onder stoelen of banken gestoken dat hij bijvoorbeeld PW veel te royaal vond. Dat is ook de reden dat bij de landelijke keuring (LHK) door twee keurmeesters wordt gekeurd, waarna men de punten optelt. Geloof maar niet dat men bereid is de beoordelingen van de twee keurmeesters afzonderlijk bekend te maken. Vaak genoeg lees je in de verslagen dat de beide keurmeesters een stevig robbertje hebben gediscussieerd. Dat betekent ook dat je de punten van de VHK, DK en LHK bezwaarlijk bij elkaar kunt optellen, al helemaal niet als de VHK door een niet-bondskeurmeester wordt uitgevoerd. In principe is er wel veel voor je voorstel te zeggen.
Overigens is het tegenwoordig praktijk dat niet alleen de kampioenen van de verenigingen meedoen. Bij gebrek aan voldoende deelnemers worden ook mindere goeden toegelaten, wat heet: zelfs uitgenodigd!
Natuurlijk moet ieder district met tenminste één deelnemer per categorie kunnen meedoen aan de LHK, maar ik ben het met je eens dat het wel sneu is voor een tweede of zelfs derde van een vereniging/district niet mee mag doen terwijl die meer punten heeft/hebben gescoord dan een kampioen van een minder getalenteerd(e) vereniging of district.

Bonuspuntje
Ben ik helemaal voor. Ik pleit al jaren voor een bonuspunt als de deelnemer met iets bijzonders/origineels komt. Daar voelt men niets voor omdat dat te subjectief zou zijn. Jouw voorstel zou ik een fraai alternatief vinden voor dat vermaledijde A4-gedoe. Dien dat voorstel rechtstreeks in bij de Commissie Bondskeurmeesters of laat Tomey dat doen. Die vindt A4 ook maar niets.

Schoolgrootte
Ik ben het helemaal eens met het onderscheid school/groep. Helemaal tegen ben ik altijd al geweest dat een school uit minstens 12 exemplaren zou moeten bestaan. Dat is echte duimzuigerij! Iemand zal wel ‘iets van een dozijn’ hebben geroepen. Prima voorstel om ook de grootte van de bak erbij te betrekken. Alleen alsjeblieft geen getallen. Noem die als richtlijn, niet als maatstaf! Je hebt m.i. voldoende exemplaren om van school te spreken als dat aantal zich ook als een school gedraagt.

Een website met vooral heel veel terrarium-, aquarium- en vijverinformatie

Translate »